De Ngorongoro krater

Wie schrijft over Tanzania, moet er eens aan geloven. De Ngorongoro krater. Tot nu toe heb ik het vermeden omdat er al zo ontzettend veel over geschreven is. Wat moet je daar nog aan toevoegen? Aan de andere kant is de krater een van de meest adembenemende plekken in Tanzania, misschien zelfs wel op aarde. Ik doe dus toch een poging.

Bovenop de kraterrand. Het mooiste uitzicht ooit

We rijden vanaf de stad Karatu richting Serengeti. Dan kom je vanzelf, dat kan niet anders, door de Ngorongoro Conservation Area. Je rijdt het gebied binnen bij Lodoare Gate en vanaf hier gaan we stijl omhoog door een dicht bergbos tot aan de t-splitsing bij Heroes Point. Hier kunnen we een eerste blik op de krater werpen, maar deze simpele woorden doen veel te kort aan die ervaring. Eigenlijk passen hier alleen superlatieven. Bovenop de kraterrand kan het fris zijn. We hebben het ook wel wat mistig meegemaakt. Desondanks kun je meestal de gehele krater van 18 km doorsnede en met een oppervlak van 260 km2 volledig overzien. De steile kraterwand is op het hoogste punt meer dan 600 meter hoog. Van boven af zijn de dieren zonder verrekijker niet te zien, maar de speling van het licht met de schaduw van de snel bewegende wolken kan hypnotiserend werken. De zacht golvende grasvlakten krijgen een magische uitstraling. Het kleurenpalet telt eindeloos veel tinten blauw en vooral groen. Het zijn zachte tinten, alsof je naar een aquarel kijkt.

Prins Bernhard vond dit het mooiste wat hij ooit gezien had. En hoewel we de prins weleens op een leugentje hebben kunnen betrappen, had hij in dit geval gelijk.

Drie miljoen jaar geleden

Voordat we de krater inrijden, een heel klein stukje geschiedenis: de Ngorongoro, ontstaan door de aardverschuivingen die ook de Rift Valley hebben gevormd, was ooit net zo hoog, mogelijk hoger dan de Kilimanjaro. Ongeveer drie miljoen jaar geleden blies de berg zichzelf op, waarbij de Serengeti overdekt werd met as en de bodem van de krater in de berg wegzonk. De rand van de krater bevindt zich op 2285 meter hoogte en de Ngorongoro krater is de grootste nog in tact zijnde caldeira (komvormige krater) ter wereld. Sinds 1978 staat Ngorongoro op de wereld erfgoedlijst.

Naar het Hof van Eden

Bij Heroes point gaan we links af en vervolgen de weg over de kraterrand. Dit is de weg naar Serengeti en Olduvai. Hier zijn ook een aantal lodges gelegen waaronder de beroemde Crater Lodge, een van ’s werelds meest luxueuze en ongewone safari onderkomens. Aan onze rechterhand komen we vervolgens eerst het weggetje tegen dat vanuit de krater omhoog komt, en even later het weggetje naar beneden. Beiden zijn één richting verkeer. De wegen zijn eenvoudig te smal om verkeer in twee richtingen te kunnen verwerken, en dat heeft ook te maken met de relatieve drukte. Net als bij het aanschouwen van bijvoorbeeld Rembrandt’s Nachtwacht of van het Colosseum in Rome hebben we hier te maken met een plek waar altijd bezoekers zijn. Soms zijn dat meer bezoekers dan we eigenlijk zouden willen, maar het is alleszins goed te doen. Mede door de strikte toelating, uitsluitend tussen 06.00 en 18.00 uur. En het is ook niet voor niets dat de krater ook wel het achtste wereldwonder of het Hof van Eden wordt genoemd.

Op weg naar 30.000 dieren

Eenmaal beneden staan er 30.000 wilde dieren op ons te wachten. De kraterbodem is een van de dichtstbevolkte wildgebieden ter wereld. Omdat het gebied ingesloten is en de vlakke kraterbodem grotendeels uit open grasgebied bestaat, is het eenvoudig te beheren, met als gevolg dat dit een bolwerk van bedreigde diersoorten is, waaronder de zwarte neushoorn. Ooit zag ik vanuit één gezichtspunt maar liefst vijf verschillende zwarte neushoorns. De kans dat dit nog eens gebeurt is klein. Bijna alle dieren zijn vertegenwoordigd in de krater, behalve giraffen en impala’s. De prooidieren zijn vooral gnoes, zebra’s en buffels. Door het open karakter van het gebied is de kans om hier een jacht te zien iets groter dan elders. Alhoewel daar natuurlijk altijd geluk voor nodig is.

In het zuidwesten van de krater ligt het Magadimeer, een groot, ondiep sodameer waar nijlpaarden, flamingo’s en andere watervogels leven. Deze dieren komen ook voor in het Mandusimoeras. Het Lerai Forest met koortsbomen is de beste plaats om olifanten te bekijken. Opvallend genoeg dalen alleen de mannetjes in de krater af, de kuddes blijven in de dichte bossen langs de kraterrand. (maar heel zeldzaam wordt er ook wel eens vrouwtjes en jonge olifanten gespot).

Aan het einde van de middag, tegen zes uur, wanneer het licht op z’n mooist is, kruipt onze Landcruiser traag uit de krater omhoog. We zijn toe aan een douche, maar we zijn ook een onvergetelijke ervaring rijker.

Geef een reactie